Nu de regering van de meest gehate en impopulaire Amerikaanse president ooit nog slechts een paar maanden in functie is, is het messen op tafel voor verschillende partijen die het meest hebben geprofiteerd van het rampbeleid van de ongekroonde Amerikaanse dictator. Of nog willen profiteren. Het is tijd om de maskers af te doen en de gordijnen weg te trekken. Er moeten zaken worden gedaan zolang George-de-olieman er nog zit. Met name in Irak. De waarheid die nu opeens boven komt drijven (of er altijd al was maar nu niet meer genegeerd kan worden uw corporate suffertje) is met name nogal pijnlijk voor Nederland dat door dik-en-dun de Amerikaanse energieoorlogen heeft gesteund en als trouw NATO-bondgenoot jonge jongens en meisjes naar een ongewisse oorlog in den verre zal blijven sturen. De regeringen Balkenende I, II, III, IV, en wat er nog gaat komen, hebben keer op keer een prachtig toneelstuk opgevoerd. Maar nu het hoofdstuk George Bush wordt afgesloten (met wellicht een mooi slotakkoord ingezet door George zelf of zijn „heilige“ bondgenoot Israël) wordt alles duidelijk. De oorlogen in Irak en Afghanistan gaan om olie en gas.
„Democratie brengen“, „opbouw“, „vrouwenrechten“, „strijd tegen dictatuur“ of „strijd tegen extremisme“. Waren dat niet de nobele doelen die „wij“ met onze militaire of „morele“ steun aan de oorlogen van George W. Bush wilden bewerkstelligen? Zijn „we“ daarom niet in Afghanistan? Nou…..nee…..natuurlijk niet. Nergens wordt gevochten zonder dat er iets te halen valt en Amerikanen, en ook NATO, vechten al helemaal nooit, ooit, ergens als er niet iets jatten, bezetten, wegtewerken of intenemen is (Nee, Soemalië en Joegoslavië waren ook geen „humanitaire missies“, maar dat is een ander verhaal). Met de oorlog in Afghanistan in zijn volle zevende jaar en de anno nu exploderende energieprijzen is ondertussen wel duidelijk „wat we daar doen“ en waarom de Tweede Kamer met alle geweld „in de zeik werd genomen“ om een beslissing over de Nederlandse militaire inzet te forceren.
„Afghanistan is van fundamenteel strategisch belang voor de VS“, noteerde de Amerikaanse assistent Minister van Buitenlandse Zaken Richard Boucher. Niet geheel toevallig vlak nadat Turkmenistan, Pakistan, Afghanistan en, nu ook, India eindelijk vaart achter het TAPI pijplijnproject lijken te zetten. TAPI moet Turkmeens gas naar de belangrijke kustgebieden van Pakistan en India gaan brengen, een lang gekoesterde droom van verschillende neoconservatieve Amerikaanse beleidsmakers. De lijn moet als tegenwicht gaan dienen voor de Iran-Pakistan-India-pijplijn, ofwel de vredespijplijn, die wel eens het kwade, Iraanse gas richting Azië kan sturen.
Het land dat naar verhouding de meeste soldaten in lijkenzakken thuis ziet komen uit de Afghaanse puinhoop, Canada, begint nu toch zichzelf achter de oren te krabben. De „alternatieve pijplijn“ betekent een jarenlang verblijf in het instabiele Afghanistan met als doel uiteindelijk slechts het bewaken van een gaspijplijn. De droom van het „democratisch“ en „opgebouwd“ Afghanistan als slechts wisselgeld. Een „deal“ met de Taliban, niet vies van een stuk van de energietaart, is uiteindelijk niet uitgesloten.
De Canadese energie-econoom en medewerker van PetroCanada John Foster schreef met dit feit in het achterhoofd het verhelderende rapport: „Afghanistan gas pipeline could impact Canada’s role in Afghanistan“. Foster ziet Canada, een land dat zelf nog over voldoende energie beschikt, door de Afghaanse oorlog in een wellicht fataal conflict om macht over resterende energiebronnen verwikkeld raken. Foster snapt de realiteit en de rationaliteit achter het Afghaanse conflict heel goed maar snapt ook dat project als TAPI de situatie in en rond Afghanistan juist extra op scherp zal stellen.
Zoals Pepe Escobar van Asia Times aangeeft: nu overduidelijk is dat de Irakoorlog om controle over Irak’s oliebronnen gaat en de pre-1972 (nationalisatie Irakese olie) koningen van de Irakese olie (de grote oliemaatschappijen Exxon Mobil, Shell, BP, Total en Chevron) schaamteloos met Amerikaanse regeringssteun en met list, bedrog, geweld en manipulatie zich weer de Irakese oliemarkt toeëigenen, kan de mainstream media eindelijk de fabels over „democratie“, „massavernietigingswapens“ en „Saddam-the-evildoer“ laten varen en wat meer over de realiteit schrijven.
Het wordt tijd dat de Nederlandse mainstream media ook eens ophoudt met het sprookje en eindelijk de waarheid verteld over het „waarom“ van de Nederlandse energieoorlog in Afghanistan.
„Democratie brengen“, „opbouw“, „vrouwenrechten“, „strijd tegen dictatuur“ of „strijd tegen extremisme“. Waren dat niet de nobele doelen die „wij“ met onze militaire of „morele“ steun aan de oorlogen van George W. Bush wilden bewerkstelligen? Zijn „we“ daarom niet in Afghanistan? Nou…..nee…..natuurlijk niet. Nergens wordt gevochten zonder dat er iets te halen valt en Amerikanen, en ook NATO, vechten al helemaal nooit, ooit, ergens als er niet iets jatten, bezetten, wegtewerken of intenemen is
Irak is olie, Iran is olie, zo logisch als het groot is. Maar SBS 6 is voetbal, PR de Vries Misdaad en amusement. Dansen op de rand van de vulkaan...